|

TRAINING
SEMINAR VOOR FUNKTIONARISSEN VAN
NATIONALE
UNESCO COMMISSIES UIT HET CARAIBISCH GEBIED
Paramaribo 01 – 03 Februari 2005
Secretarissen Generaals
van Nationale UNESCO Commissies en vertegenwoordigers van Nationale UNESCO
Commissies in het Caraibisch Gebied waren van 1 tot en met 3 februari 2005
in Hotel Torarica bijeen voor het “Training Seminar voor nieuwbakken
functionarissen van Nationale UNESCO Commissies uit het Caraibisch gebied”.
Het Seminar werd officieel
geopend door de Minister van Onderwijs en Volksontwikkeling tevens
Voorzitter van de Nationale UNESCO Commissie Suriname, de heer Walter
Sandriman
Participanten van 13 Nationale
Commissies uit de regio, een delegatie van het Hoofdkantoor in Parijs en
vertegenwoordigers van het Regionaal kantoor in Jamaica alsook een groot
aantal Surinamers verbonden aan organisaties werkzaam op UNESCO’s
competentiegebieden hebben zich drie dagen gebogen over UNESCO’s
prioriteiten voor de 21ste eeuw en hoe Nationale Commissies nog
beter inhoud kunnen geven aan de vele taken die voortvloeien uit de
doelstelling van de organisatie.
Dag I
Inleidingen werden er verzorgd
door Dr. Andre Kramp, gepensioneerd UNESCO stafmedewerker belast met
het”Slave
Route
Project”, en de heer Julio Carranza-Valdes Programma Specialist op het
Kingston Kantoor.
De nadruk werd hierbij gelegd op de importantie van UNESCO’s verklaring over
“Culturele Diversiteit en het behoud van het niet tastbaar Caribische
Cultureel Erfgoed als één vanUNESCO’s prioriteiten voor de 21ste
eeuw”. Hij gaf aan dat behoud van het Caribisch Cultureel erfgoed
een uitdaging is voor de regio, omdat een groot deel van dit erfgoed met de
slavernij te maken heeft. Voor de regio was dit een aangelegenheid van
oorsprong en identiteit, als herinnering aan het gebeurde na de slaven
route, en het levendig houden van deze herinnering voor de huidige en
toekomstige generaties. UNESCO heeft door het ’Slave Route Project de
afgelopen tien jaar bijzondere aandacht besteed aan de studie van de
historische dimensie van de slavenhanden en slavernij en de hedendaagse
relevantie van haar aanwezige Cultureel Erfgoed in de Culturele Diversiteit
van de Diaspora.
De heer Julio Carranza sprak
over culturele diversiteit, UNESCO’s afdeling voor sociale en maatschappij
wetenschappen en tot slot over Nationale Commissies als een van de
belangrijkste factoren in het UNESCO systeem.
Hierna was het de beurt
van Dr. Alexandra Burton-James, Secretaris Generaal van de Dominicaanse
Nationale UNESCO Commissie, die sprak over:
“Praktijk gerichte inzichten voor Secretarissen
Generaals”.
Na haar inleiding die zich
toespitste op doel, onderzoeksveld en methodologie ontstond er een levendige
discussie waarbij de vertegenwoordiger van de Nederlandse Antillen naar
voren bracht dat het Caraibisch gebied niet alleen uit Engels sprekende,
maar ook Nederlands, Frans en Spaans sprekende NATCOMS bestaat. Zij pleite
voor grotere eenheid bij het naar buiten treden; het uitdragen van één
standpunt over specifieke onderwerpen bij de aanstaande Algemene
Vergadering.
Het standpunt van de Nederlandse
Antillen werd door dhr. Julio Carranza-Valdes van het Kingston kantoor
opnieuw benadrukt. Hij legde het accent op de belangrijkheid van de
samenwerking binnen de Cluster kantoren, Cuba en Quito(Equador).
De derde presentatie handelde
over “Begrip van en toegang hebben tot UNESCO’s Begroting”: De
Reguliere Begroting, Het Participatie Programma, het Extra Budgettaire
Programma, en werd verzorgd door de heer Colin Nicholls, Programma
Specialist van het UNESCO Hoofdkantoor.
Hij richtte zijn aandacht
op o.a. de thema’s: “Definitie/uitleg over de
Reguliere Begroting, uitleg over het Participatie Programma, grondgedachte
achter het Extra Budgettaire Programma, Nationale Commissies als
fundraisers, de rol van Nationale Commissies in het Extra-budgettaire
programma”.
De laatste presentatie van dag 1
handelde over het thema “Status en rol van Nationale UNESCO
Commissies” en werd verzorgd door mevr. Mirta Lourenço Programma
Specialist van het Hoofdkantoor in Parijs. Zij ging in op zaken zoals: doel
van Nationale Commissies, functies, verantwoordelijkheden en legde het
accent op de toekomst.
Dag II
Op de tweede dag was het
de beurt aan de heer Cornelis Pigot, Suriname’s vertegenwoordiger bij de
Uitvoerende Raad van de UNESCO. Hij ging in op
“De Uitvoerende Raad, Verantwoordelijkheden en functionering, een
Caraibische ervaring”.
Hij behandelde onderwerpen
zoals: Verkiezing van het bestuursorgaan,
Caraibische vertegenwoordigers, Relatie Directeur Generaal en Secretariaat,
Financiële en administratieve regelingen, Relaties in de regio en landen,
en de toekomst van de organisatie.
De discussies die hierna
ontstonden richten zich voornamelijk op de rol die toebedeeld wordt aan
kleine eilandstaten binnen het systeem van UNESCO.
De heer Pigot opperde het
voorstel om de technische documenten voor de Algemene Vergadering te laten
voorbereiden door de Nationale Commissies. Hij zei ook dat jongeren naast
UNESCO ook aangemoedigd moeten worden om in internationale organisaties
zoals de WHO, FAO etc. hun bijdrage te leveren. Voor iets oudere
professionals moet de mogelijkheid bestaan om een internationale carrière op
te bouwen. Waarom zijn de vele mogelijkheden die er bestaan niet bekend? Was
zijn vraag. Misschien is hier voor de Universiteit een taak weggelegd?.
De Jamaicaanse delegatie uitte
haar bezorgdheid over het gebrek aan ambitie van lidstaten en ook de
traagheid van regeringen en NATCOMS in het nemen van actie als het om hun
eigen zaak gaat. De heer Pigot zei dat regeringen zich vaak niet richten op
internationale lichamen, omdat er soms urgentere omstandigheden zijn die
dringend aandacht vragen.
Antigua bracht naar voren dat
wij als vertegenwoordigers van verschillende landen strategieën en manieren
moeten vinden om onze ministers de belangrijkheid van UNESCO en andere
organisaties te laten begrijpen die de Kleine Eilandstaten willen helpen in
kwesties van duurzame ontwikkeling.
Als sluitstuk voor dag 2
was het de beurt aan de heer Dirk Troost die sprak over
“Vervolg op Mauritius en verdere
implementatie van het actie programma voor duurzaamheid van Kleine
Eilandstaten in Ontwikkeling.
Troost belichtte enkele
hoogtepunten uit de Internationale Bijeenkomst te Mauritius in januari 2005
en legde de nadruk op:
- -
Special event on “youth
Visioning for Island Living”
- -
Small Island Voice
- -
Millennium Development Goals
De Bahamas, St Vincent & the
Grenadines, Dominica en St. Kitts & Nevis gaven een mondeling verslag van de
activiteiten die plaatsvinden in het kader van twee projecten nl. het
Sandwatch Project en Small Island Voice. In de Bahamas hebben jongeren
van de MULO hun bezorgdheid middels verschillende resolutie geuit over de
volgende zaken:
- -
HIV-AIDS 15-19 jaar
- -
Cultureel erfgoed
- -
De invloed van Toerisme op het
milieu
- -
Duurzame Ontwikkeling.
Dominica is vanaf de eerste
vergadering in 2001 bij deze twee projecten betrokken. Er werden voor 10
lagere scholen workshops gehouden. Deze scholen hebben een onderzoek
ingesteld naar het afval op de stranden. In een tweede workshop werden de
activiteiten geëvalueerd en werd er een publicatie uitgegeven betreffende
het werk dat hieromtrent verzet was. Het effect op lange termijn heeft
geresulteerd in een verhoogd bewustzijn gericht op het schoonhouden van het
milieu. Aandacht werd ook besteed aan het project Small Island Voice.
Dag III
Dag 3 begon met een
inleiding van de heer Phillipe Ratte, Hoofd Programma Specialist van het
Hoofdkantoor in Parijs. Hij belichtte het onderwerp
“Management op resultaten gericht”.
Results-based Management(RBM) is
een manier om iemand te helpen de juiste weg te vinden om het einddoel te
bereiken. Het gebruik van RBM kan ertoe bijdragen dat de capaciteit van
Nationale Commissies verhoogd wordt.
Tenslotte was het de beurt van
mevr. Hélène Gosselin, Directeur van het Kingston kantoor van de UNESCO en
Vertegenwoordiger van De Directeur Generaal van de UNESCO om het thema “De
Caraibische Cluster” toe te lichten.
Na de inleiding van mevr.
Gosselin werd de noodzaak voor Secretarissen Generaals aangegeven om voor
UNESCO’s Algemene Vergadering bij elkaar te komen voor het bespreken van
onderwerpen van algemeen belang.
Mevr Gosselin gaf aan dat het
Cluster Kantoor geen fondsen heeft voor het organiseren van vergaderingen,
maar gaf drie suggesties door:
-
Video Conferencing tweemaal per jaar
-
Secretarissen Generaals die naar Jamaica
kunnen
-
Gebruik maken van het Participatie Programma
om projecten in te dienen.
Mevrouw Gosselin opperde het
voorstel dat Secretarissen Generaals concreet aangeven wat hun behoeften
zijn, zodat het Cluster Kantoor kan nagaan hoe zij hierop kan inspelen.
Tot besluit heette mevrouw
Gosselin de nieuwbenoemde Secretarissen Generaals van harte welkom en uitte
haar voldoening uit over de goede werkrelatie met de SG’s die al enige tijd
de UNESCO familie uitmaken.
Na drie dagen van
voortreffelijke presentaties werd het seminar afgesloten.
 |